Kan ik écht niet oneerlijk behandeld worden?

door Greg Mackie

Vraag: Een Cursus in wonderen zegt: "Je kunt niet oneerlijk behandeld worden" (T-26.X.3:2). Ik bevind me echter in een situatie waarin ik het gevoel heb dat ik wel degelijk onbehoorlijk behandeld word. Hoe kan ik mijn visie op deze situatie veranderen?

Antwoord: Dit is een uitdagende les voor ieder van ons. En wel omdat er absoluut momenten zijn waarop het lijkt alsof we echt oneerlijk worden behandeld. Zoals met elke les in de Cursus is de manier om hiernaar te kijken onmiddellijk terug te keren naar de juiste context.

Onterechtheid en aanval zijn een en dezelfde vergissing, zo hecht met elkaar verbonden dat waar de een wordt gezien ook de ander moet worden waargenomen. Je kunt niet oneerlijk behandeld worden. De overtuiging dat dit wel mogelijk is, is slechts de zoveelste vorm van het idee dat je door iemand anders dan jou zelf van iets kunt worden beroofd. Het projecteren van de oorzaak van het offer vormt de basis van alles wat wordt gezien als oneerlijk en niet als iets wat jij verdient. Toch ben jij het die dit van jezelf vraagt, in verregaande onrechtvaardigheid jegens Gods Zoon. Je hebt geen andere vijand dan jezelf, en jij bent inderdaad een vijand voor hem omdat je hem niet kent als jezelf. Wat is er onrechtvaardiger dan dat hij beroofd wordt van wat hij is. Dat hem het recht wordt ontzegd zichzelf te zijn en dat hem daarbij gevraagd wordt zijn Vaders Liefde en die van jou te offeren als iets waarop hij geen recht heeft? (T-26.X.3:1-7)

Nogmaals, bij tijden het lijkt er zeker op dat onze problemen door anderen op ons 'geplakt' zijn. Maar zoals Pogo het prachtig zei: 'we hebben de vijand ontmoet en hij is ons'. In een situatie waarin je je beroofd voelt door iemand anders, is de waarheid dat 'alleen jij kunt jezelf van iets beroven'. (T-11.IV.4:1). Wat er eigenlijk in deze situatie gebeurt, is dat je jezelf hebt beroofd en vervolgens jouw broeder de schuld van die beroving in de schoenen schuift. Je hebt eerst jouw schat weggegooid en daarna hem [jouw broeder] ervan beschuldigd dat hij die gestolen heeft.

Betekent dit dat de beroving van jezelf eigenlijk terecht is? In zekere zin is dit wel waar. Als je jezelf berooft, dan zal het (onbehaaglijk) gevoel van beroofd te zijn "jouw verdiende loon" zijn (T-26.X.3:4). Dit is eenvoudigweg een wetmatigheid van de denkgeest. Maar in ruimere zin is de hele situatie die hier beschreven wordt onterecht, omdat ze een aanval is op de Zoon van God, en "onterechtheid en aanval zijn een en dezelfde vergissing" (T26.X.3:1) Alle aanvallen zijn onterecht, omdat deze een groot onrecht vormen tegenover de Zoon van God. Jouw keuze om jezelf iets te ontnemen is oneerlijk tegenover jezelf, een ontkenning van jouw erfenis als de Zoon van God. Jouw broeder de schuld geven van zijn tekortkoming is oneerlijk naar hem toe. Een ontkenning van zijn erfenis als Zoon van God. En aangezien we allemaal meespelen met het beschuldigingspel, zijn we allen regelmatig oneerlijk tegenover elkaar. Inderdaad, daar deze wereld een plaats van aanval is, is ze volkomen doortrokken van oneerlijkheid.

Deze oneerlijkheid heeft pijnlijke consequenties. Door jouw besluit om jezelf tekort te doen en vervolgens jouw broeder hiervoor te beschuldigen, probeer je jouw 'onschuld' te kopen met zijn schuld. Dit verduistert voor jullie beiden het ware doel van jullie relatie, welke is elkaar te vergeven en zo de bron van ware onschuld te zien in elkaar: de heilige Aanwezigheid van Christus en God. Het beschuldiging spel zorgt ervoor dat je een wereld ziet die "dof en dreigend" (T-26.X.6:2) is. Klaar om je oneerlijk te behandelen bij iedere gelegenheid. Je zult jezelf zien als "beroofd van het licht, overgeleverd aan het duister, en onrecht zonder enig doel in een nutteloze wereld achtergelaten". (T 26 X.6:3). Is dit niet precies het gevoel dat we krijgen als we denken dat we oneerlijk behandeld worden?

Het ironische is dat onze overtuiging dat sommige aanvallen oneerlijk zijn impliceert dat andere aanvallen (zoals vergelding) dus eerlijk, verstandig en juist zijn in onze ogen. Dit bevestigt onze overtuiging dat aanval werkelijk is. Echter, het goede nieuws is dat alle aanvallen onwerkelijk zijn. "De waarheid is dat ze allen [aanvallen G.M.] zinloos zijn, in dezelfde mate zonder oorzaak of gevolg, en dat ze generlei effect kunnen sorteren." (T-26.X.2:6). Dus, niet alleen onze broeder is niet schuldig aan dat wat jouw is ontnomen. Ook jij bent er niet schuldig aan omdat aanval tegen jezelf (die je projecteerde op hem) totaal onwerkelijk is. Iedereen die erbij betrokken is, is onschuldig. En dan bedoel ik niet de onwerkelijke onschuld van een woedend slachtoffer dat ten koste van de ander schuld komt halen, maar de ware onschuld van de zondeloze Zoon van God. Deze onschuld is te zien in datgene wat ons vrij maakt. Deze alinea geeft ons uitdagende advies: "Wees op je hoede voor de verleiding om jezelf als oneerlijk behandeld te zien". (T-26.X.4:1)

Hoe voorkomen we de verleiding in deze situaties waarin het lijkt alsof we aan het kortste eind trekken? De oplossing is om voorbij de details te zien. Op het moment dat je wilt dat je visie verschuift, kun je de Heilige Geest vragen om je te begeleiden in deze situatie. Zo kan het bijvoorbeeld zomaar dat jouw broeder je niet onrechtvaardig behandelt maar in werkelijkheid bezig is om jou liefdevol te behandelen. Maar jij interpreteert dat verkeerd. Of valt je broeder je (volgens wereldse begrippen) daadwerkelijk aan en is oneerlijk tegen je. Maar dit is slechts de vorm die je ziet. Wat je nodig hebt is een visie die verder kijkt dan de wereld. Hieronder een oefening die hierbij helpt.

Denk aan een situatie waarin je dacht dat jouw broeder je oneerlijk behandelt. Zeg dan deze woorden met zoveel mogelijk bereidwilligheid als je kunt:

Hierdoor [door visie van oneerlijkheid. G.M.) ontken ik de Tegenwoordigheid van de vader en de Zoon. En ik wil Hen liever kennen dan onrechtvaardigheid zien, die wordt weg geschenen door Hun Tegenwoordigheid. T-26.6.6-7)

Het doel van de oefening is om je motivatie te vergroten om verder te kijken dan de ogenschijnlijke oneerlijkheid. Wat zou je liever zien: een "doffe en dreigende" wereld waar je met een mes tegen je keel "de Aanwezigheid van de Vader en de Zoon" moet accepteren? Of wil je liever onrechtvaardigheid zien zodat hun Aanwezigheid het 'weg' schijnt? De belofte van deze oefening is dat de motivatie toeneemt om werkelijk te zien en deze zal de Aanwezigheid van de Vader en de Zoon openbaren in die persoon die je even daarvoor beschuldigde van oneerlijkheid. En met deze nieuwe visie komt tevens een nieuwe wereld tevoorschijn achter de oppervlakte van oneerlijkheid van de wereld die we zien: een wereld overgoten met de rechtvaardigheid van de Heilige Geest. "De wereld is eerlijk omdat de Heilige Geest onrechtvaardigheid naar het licht binnenin jou heeft gebracht, en daar is alle oneerlijkheid beëindigd en vervangen door rechtvaardigheid en liefde. (T-26.X.6.4) Is dit niet datgene wat wij allen liever zouden zien?

Return to top | Send Reader Feedback | View Reader Feedback | Printer friendly version

AddThis Social Bookmark Button


Dear friend: We offer the materials on this website to you in the hope that they can serve you well on your journey home. Your continuing donations support the work of the Circle of Atonement. Thank you.
Click here to make a Donation.

This material is copyrighted by the Circle of Atonement, P.O. Box 4238, W. Sedona, AZ 86340. All rights reserved. The opinions expressed are the personal interpretation and understanding of the author(s).

Please report problems to the webmaster.

Site Links

Email a Friend
Send Reader Feedback
View Feedback
Send a ? to Q & A
Printer friendly version

Bookstore

Return to the Heart of God
Return to the Heart of God Ever wanted an overview of the entire thought system of the Course?